Vrijzinnig Humanisme

Het vrijzinnig humanisme is 1 van de zes erkende levensbeschouwing in België - naast  de katholieke, protestantse, anglicaanse, orthodoxe, islamitische en de israëlitische.

Een levensbeschouwing probeert antwoorden te geven op de grote existentiële vragen: waarom leven wij, is er leven na de dood, wat moet ik doen om een goed mens te zijn, … Het vrijzinnig humanisme is een ‘niet-confessionele’ levensbeschouwing, dat wil zeggen: ze baseert zich niet op een geloof, ze kent geen ‘heilige boeken’ of eeuwige waarheden.

Waar staat deze levensbeschouwing dan wel voor? Tijdens het oprichtingscongres van de IHEU, de internationale koepelorganisatie van het vrijzinnig humanisme, zijn de uitgangspunten van het humanisme geformuleerd en als resolutie aanvaard. Deze verklaring wordt nu onderschreven door vrijzinnig humanistische organisaties uit meer dan 40 landen (waaronder deMens.nu voor België).

In juli 2002 is een gemoderniseerde versie, de ‘Amsterdam Declaration 2002’, aangenomen, die hieronder vertaald en verkort is weergegeven.

  1. Het humanisme is ethisch

Het bevestigt de waarde en de autonomie van het individu en het recht van ieder menselijk wezen op de grootst mogelijke vrijheid die verenigbaar is met de rechten van anderen. Humanisten hebben de taak zich te bekommeren om de gehele mensheid, inclusief toekomstige generaties. Humanisten zijn van mening dat de moraal een wezenlijk deel van de menselijke natuur uitmaakt. Moraal is gebaseerd op begrip voor en betrokkenheid bij anderen en behoeft geen goedkeuring van buiten of ‘boven’.

2. Het humanisme berust op de rede

Het streeft ernaar wetenschap creatief en niet destructief te gebruiken. Humanisten zijn ervan overtuigd dat de oplossingen voor de problemen in de wereld eerder in het menselijk denken en handelen liggen dan in goddelijke tussenkomst. Het humanisme bepleit de toepassing van wetenschappelijke methoden en vrij onderzoek op de problemen van menselijk welzijn. Humanisten zijn er echter ook van overtuigd dat de toepassing van wetenschap en technologie ingetoomd moet worden door menselijke waarden. De wetenschap geeft ons de middelen maar menselijke waarden moeten de grenzen bepalen.

3. Het humanisme ondersteunt democratie en mensenrechten

Het humanisme streeft naar de grootst mogelijke ontplooiing van ieder mens. Het is van mening dat democratie en menselijke ontwikkeling kwesties van rechten zijn. De grondslagen van democratie en mensenrechten kunnen op vele menselijke betrekkingen toegepast worden en zijn niet beperkt tot methoden van staatsbestuur.

4. Persoonlijke vrijheid moet verbonden zijn met sociale verantwoordelijkheid.

Het humanisme durft het aan een wereld te bouwen die op de idee van de vrije mens berust, die verantwoording schuldig is aan de samenleving, en erkent onze afhankelijkheid van en verantwoordelijkheid voor de natuur. Het humanisme is ondogmatisch en legt geen overtuiging op aan zijn aanhangers. Bijgevolg spreekt het zich uit voor onderwijs dat vrij van indoctrinatie is.

5. Het humanisme is een antwoord op de wijdverbreide behoefte aan een alternatief voor een dogmatische religie

De voornaamste religies in de wereld maken er aanspraak op dat zij gebaseerd zijn op openbaringen die voor altijd vaststaan. Het humanisme erkent dat betrouwbare kennis van de wereld en van onszelf ontstaat door een voortdurend proces van waarneming, beoordeling en herziening van dat oordeel.

6. Het humanisme heeft hoge achting voor kunstzinnig scheppend vermogen en verbeelding en erkent de vernieuwende kracht van kunst.

Het humanisme bevestigt de betekenis van literatuur, muziek, beeldende kunst en de uitvoerende kunsten voor de persoonlijke ontplooiing en bevrediging.

7. Het humanisme streeft naar de grootst mogelijke levensvervulling door het bevorderen van een ethische en oorspronkelijke leefwijze.

Het biedt ethische en rationele middelen om de uitdagingen van onze tijd aan te pakken. Het humanisme kan voor iedereen en overal een levenswijze zijn.

Wij hebben er vertrouwen in dat we de moeilijkheden waarmee we geconfronteerd worden kunnen oplossen door gebruik te maken van vrij onderzoek, van de kracht van de wetenschap en van de creatieve verbeelding. Wij doen een beroep op allen die deze overtuiging delen zich met ons in het streven daarnaar te verbinden.

(IHEU Congres 2002)